Ik ga op reis en neem mee: mijn cantushamer, een brandblusapparaat, tandpasta, mayonaise, ketchup, alle NFKindjes, zonnebloempitten, een pony, mijn hond, de Fak, de nieuwste uitgave van Groniek, een iPad, een Historia-pull, een notenkraker, een manuscript van J.S. Bach, Jacky Lafon, de Hermes, een witte jacht met getinte ramen en een helikopterplatform, een vishengel om de stukjes van de Phobos Grunt op te vissen, de voltallige filmografie van Kate Winslet, alle delen van de Winklerprinsencyclopedie, een sherpa om alles te dragen, het Kremlin, een braadworst, een chocotoff, gebakken ajuintjes, de Dijle, een pakje condooms, 20 bakken stella, het Elysée zonder Sarkozy (Carla Bruni mag eventueel wel mee), de uitslag van de Kringenzuip, de Kavkasus, twee gekke reisleiders, een vatje Karmeliet, een camping-klapstoel, een politiepet, een sneetje bruin brood, professor Meijns, een GameBoy met reservebatterijen en Pokémon Red&Gold, een linkkabel voor in het geval van, honderdduizend miljoen miljard euro, Kai Mook, de sympathieke hoofdredacteur van Veto, Colruyt-meisje Linde Smeets, Smeetsjenever, een set metalen petanqueballen, een fak special, een authentieke Gutenberg-drukpers, tien liter fruitsap, prof. Soen, J. Bleyen, het paneel van de rechtvaardige rechters, het ABVV, het ACW, Bassie de clown, prof. Vandorpe, 10 kilo potgrond, een reiskoffer, koningin Fabiola, een kruisboog, een Granny Smith appel, frituurhapjes, de humor van Ben Crabbé, mijn goed humeur, mijn lagere school, de neus van Michael Jackson, de laatste Alfanen, het MSI, een doosje Immodium, de kat Sander Milis, duizend namen, de reclame van spotify, de klok van de perma die steeds op vijf voor twaalf staat, een dvd-box van Baantjer, twee perforators, een factuur van Luminus, de lijkwade van Turijn, een vogelkastje, de Idee, het Oxford english van Jan Becaus, een klavertje vier, een woordenboek Elfs – Nederlands, een spaghetti uit de alma, Kibo, een ambulance, m’n adamskostuum, de KGB, plattegrond van de Maurits Sabbebib, die oude vrouw van de balie aldaar (die Winand “jongske” noemde), een slaaf, The Beatles, Ford Genk, het busje van VTK, de verplichte VTK’er als chauffeur, een bazooka, alle mensen die effectief in het lokaal in het MSI komen studeren, een zandkasteel, das Leben der Anderen, een zelfhulpboek voor lezen, Werner de Walvis met Watervrees, een tupperwarepotje, letterkoekjes, de Wiener Sängerknaben, prins William zonder Kate, Pippa, een fietspomp, Josje van K3, genitale herpes, de Koude Oorlog, Gina van X-session, Patsy Stone, de Blue Eyes White Dragon, de taak van Breed Publiek, Maggie De Block, Darkwing Duck, Herman Van Veen, de derde tepel van Anne Boleyn, het ballet van Samson en Gert, 2girls1cup, een kotszakje, 8 Aldi-winkelkarretjes, de magische tovergieter, Glasnost, het roer van de Concordia, de Bijbel, Kapitein Iglo, de trappen van Odessa, de rolstoel van Stephen Hawking, de valse heup van Zsa Zsa Gabor, een lantaarnpaal, de Savoyaanse troonpretendent, de witte tijgers van Siegfried en Roy, 8,43 Sjekkel, een eenhoorn, een woordenboek Etruskisch – West-Vlaams, het Molotov von Ribbentroppact, het radiogesprek van professor Buyst op Radio 1, Papua Nieuw Guinea, iedereen die de Nederlandstalige facebookpagina van Bronislaw Malinowski leuk vindt, het Basic Schiesser model, een krat Golden Power, de Studentenflik Politie Leuven/Studenteninspecteur Politie Leuven, Liesy, al die hete meisjes in de clip van Michel Telo, de vlag van Babylon, mijn boxershort van Donald Duck, Chuck Norris, die een op de bodem van Mick Jagger zijn wasmand, de zombies van Kenneth Voorter, alle Opper-Sorben, het zwembroekje van de jongen in de jacuzzi daarstraks, alle dvd’s van de Zuid-Koreaanse reeks 인생은 아름다워, een snowboard, heel veel munitie voor een sneeuwballengevecht, de heilige Nicolaas van Myra, Rudolf het Rendier, het ZER, Gasthuisberg, de 24-urenloop, de twee broers uit het eerste seizoen van Peking Express, mijn patrilineage, de Goebbels-kinderen, de siliconen van Lesley-Anne Poppe, Arne Vanhaecke, een giffengoed, het Kroatische referendum voor Europees lidmaatschap, de paashaas, de heldinnen van Utrecht, die sexy praeses van Mecenas, een dendrochronoloog, de UHSK, een hete neger, de patriarch van Antiochië, de cast van Skins, Excalibur, een bierpot van Historia, genoeg Gibbsvrije energie, de waarnemers van de Arabische Liga, Stefaan Nackaerts van de bib, Dan Humphrey, een vibrator, een dikke slaapzak, de vorige Franky, de 18+afdeling van een videotheek, Bent Van Looy, Cédric Suttels, Joren Froyen, kapitein Schettino, Clara Cleymans, Cleopatra, een kingsizebed, Zweinsteinn, hogeschool voor hekserij en hocus pocus, Meryl Streep, een zichzelfaanvullend buffet, de Orka’s uit See World van San Diego en het Historia-praesidium, Barney Stinson, Pingu, Hello Kitty en deze checklist.
Commentaar bij een staking.
23 01 2012Beste nationale staker,
Op maandag 30 januari 2012 gaat u nogmaals uw recht tot staking bovenhalen en besluit u het land plat te leggen. Opnieuw, nogmaals, wederom. Het lijkt alsof de ene staking de andere opvolgt. Nu, deze commentaar zal helemaal niet gaan over het feit dat u staakt, dat is immers uw goed en verworven recht. U zal wel een reden hebben. Al weet ik ze niet. Opnieuw, nogmaals, wederom. U zal zelf ook wel doorhebben dat niet het hele land met u mee zal staken. Opnieuw, nogmaals, wederom. Mij lijkt het alsof u het stakingsrecht aan het uithollen bent en dat is niet goed. Maar zoals ik al zei zal ik niet meer dan enkele zinnen wijden aan mijn ongenoegen tegenover uw staking.
Wat me wel van het hart moet, is het moment waarop u staakt. Daar ben ik nog minder mee akkoord dan met het feit dat u staakt. Ofwel bent u afgestudeerd voor het invoeren van het semestersysteem. Ofwel zijn uw kinderen nog te jong om al te studeren aan de universiteit of hogeschool. Ofwel zijn uw kinderen al afgestudeerd. Ofwel zijn uw kleinkinderen nog te jong om al te studeren. Wat is het eigenlijk? Hebt u geen tv? Geen radio? Geen internetverbinding? Bent u niet op de hoogte dat toch al enige academiejaren lang studenten niet meer beginnen blokken in april en al hun examens hebben in juni maar dat we nu een januari- en een juniblok hebben? Twee periodes van stress en examens.
Of misschien bent u daar wel van op de hoogte en woont u in een universiteitsstad? Of zitten uw kinderen op kot en hebben zij geen nood aan openbaar vervoer? Of hebben uw kinderen een auto ter beschikking? Wel, beste nationale staker, niet elke student zit op kot, niet elke student woont in een universiteitsstad en niet elke student heeft een auto. Zij die dit niet hebben, zullen moeten rekenen op solidariteit van medestudenten wanneer ze op maandag 30 januari examen hebben. Prijs u gelukkig, die solidariteit is er. Gelukkig zijn wij nog solidair. Uw staking was al wekenlang aangekondigd, dus ze kon gerust een weekje uitgesteld worden tot in de lesvrije week. Een weekje, een wereld van verschil voor ons.
U eigent zich het recht toe om een land plat te leggen in tijden van crisis en u neemt daar dan ook maar meteen het recht tot belemmering van examens erbij? U denkt dat u opkomt voor onze toekomst, voor de belangen van uw collega’s, maar diep van binnen, beste nationale staker, vind ik u een egoïst. Het is maar dat u het weet. U had waarschijnlijk gedacht dat ze dan maar op maandag 30 januari geen examens zouden afnemen. Maar wat u niet weet, is dat er een hele administratieve rompslomp en organisatorisch talent achter zo’n examenregeling schuilt. Neemt u dat maar van mij aan. Bovendien hebben veel studenten een strikte blokplanning waardoor een dag zelfs een wereld van verschil maakt. Achja, u zal gewoon op maandag 30 januari staken, wij zullen wel solidair zijn. En u zal herinnerd worden als de generatie die de burger leert staken, of tenminste, dat denkt u.
Laat me u nog een stakingstip geven: de volgende keer wanneer u wil staken, laat de burger dan gewoon gratis het openbaar vervoer nemen. U helpt er ons mee en u werkt er de persoon die u effectief wil tegenwerken mee tegen. Positief staken, zou ik het noemen. Doe dat eens.
Met vriendelijke groeten,
Een misnoegde student die echter het geluk heeft op kot te zitten.
P.S.: Voor de studenten die wel problemen hebben: https://www.facebook.com/groups/354982964530151/
Reacties : Reageer »
Categorieën : KotLe(u)ven
De autostrade der liefde… (3)
15 01 2012Een goed anderhalf jaar geleden reed ik zonder Fabian verder op de auostrade der liefde. Het was zomervakantie. De banden van de auto waren opgepompt, de oliemeterstand gecontroleerd en een groot (of was het een klein) onderhoud was net achter de rug. Ik reed met mijn wagen naar de keuring, maar geraakte er niet door. Ik miste twee kleine puntjes. Het werd tijd dat daar iets aan gedaan werd. Zodoende schakelde ik de hulp in van Jonas. Hij zorgde er voor dat de foutjes gecorrigeerd werden endat mijn auto net aan de vereisten om door de keuring te geraken voldeed. Jonas bleek een zomerliefde te zijn, als het al een liefde was. Het mondde uit in een mooie vriendschap.
Hetzelfde gebeurde die zomer eigenlijk met Kenneth. We hadden voor de eerste keer afgesproken op Marktrock. Die ene avond was het begin van een tweede zomerliefde. Zomerliefdes eindigen, zo zegt hun naam het zelf al, met de zomer. Sommigen zie je niet meer terug, anderen zoals Jonas sporadisch en nog anderen zoals Kenneth worden echte vrienden waar je altijd en overal kan op rekenen. Ik heb Kenneth nooit meegevraagd om mee te rijden op de autostrade. Het was niet de juiste timing. Maar misschien ooit, staan onze klokken wel gelijkgestemd en wordt het iets. Of misschien ook niet. Wie zal het zeggen.
Ik reed verder, een nieuw avontuur tegemoet, vol met nieuwe mensen. Een avontuur dat ons bracht naar de verste punten van de kempen ergens in de buurt van het land van Bobbejaan alwaar we drie dagen lang op een kleine ruimte werden samengegooid om elkaar te leren kennen, om een band op te bouwen. Daar ontmoette ik Johannes. Ik werd meteen aangetrokken door Johannes’ ogen. Ze straalden een dromerigheid uit die ik nog niet eerder had meegemaakt. Iedere nacht wachtte hij me op aan het andere eind van de regenboog. Enkele dagen na het avontuur waren we terug in de dagelijkse sleur van het universiteitsleven beland. Ondanks onze drukke agenda’s, wisten we tijd voor elkaar te maken en algauw was een eerste vluchtige kus iets wat ons de volgende maanden zou binden. Ik weet, lieve Johannes, dat je meer verdient dan een paar regels. Je was zeker ook meer. Ik weet dat je dat weet. Ik hoop dat je dat weet. Maar ik weet niet wat er me op een bepaald moment bezielde… Was de verliefdheid over? Had aantrekking plaatsgemaakt voor realisme? Was ik nog altijd niet klaar om me te binden? Wat ik wel weet is dat ik op het verkeerde moment je hart heb gebroken, of je alleszins ongelooflijk pijn heb gedaan. Het spijt me. Ik moest het doen, ik kon niet anders. Ik reed verder alleen, de autostrade op.
Sinds Johannes is er eigenlijk nauwelijks iets spannends gebeurd. Was ik op het punt gekomen dat de autostrade zich door een woestijn begaf? Ok, om eerlijk te zijn was er wel het korte gezelschap van Tobias dat me deugd deed, maar Tobias was een jongen van clichés. Ik was een vriend. Niets meer, niets minder. En hij had een oogje op iemand anders. Nog zo’n cliché. Achja, Tobias, ik betwijfel al je keuzes die je sindsdien hebt gemaakt, maar het zijn de jouwe. De internationale Mark, of was het Marc, inspireerde me tot een meer globaal en universeel denken. Er was ook nog Remi. Hem heb ik leren kennen aan een tankstation. We bleven maar babbelen, ik bleef maar babbelen. Remi was intelligent, knap en alles wat je maar wil en een ding dat je niet wil. Remi was een denker. Ik heb heel lang met hem daar staan babbelen, auto aan de kant, in de hoop dat hij wou meerijden. Wijselijk weigerde hij het aanbod. Eén enkele kus zal steeds de onze zijn, Remi. En er was BBB-Teis die me Flügelgewijs liet denken dat ik de hele wereld kon krijgen. Voor één avond, tot de volgende dag, of toch tot het moment dat ik op weg was naar kot. Ook jij verdient een melding, beste Teis. Onderwijs me in je zalige muziekstijl en laten we nog eens één pintje drinken. Vrienden?
En nu schrijven we januari 2012. Ik rij alleen. Ik voel dat ik klaar ben om met twee te rijden. Maar het hoeft niet per se. Het gezelschap achteraan is ondertussen uitgebreid. Het telt niet meer dezelfde personen met wie ik alles deel. Zij hebben zich moeten verzoenen met het feit dat er ongeveer 33 anderen ook plaatsgenomen hebben. Ik rij dus als het ware rond met een klein busje. Elk van die personen, en het algemene, neemt zijn tijd in beslag. En daarnaast is er ook nog de stage die ik volg tot geanimeerd gids tijdens educatieve groepsreizen die wel wat aandacht en inspanning vergt. Al hoop ik dit te doen onder het motto “minimale input, maximale output”. Wat geeft de toekomst? Ik weet het niet. Ik wacht vol spanning af wanneer die ene lifter aan de kant staat die zijn gordel vastmaakt en het aandurft met mij mee te rijden. En ondertussen, … ondertussen kijk ik rond.
Mijn excuses voor de late vermelding van Gerrit, Seppe en Tim die er ook wel waren. Slaapbuddy’s zijn echt leuk.
Reacties : Reageer »
Categorieën : KotLe(u)ven
Geweest en goedgekeurd: het examenfeestje.
8 01 2012De studentenvertegenwoordiger*, niet alleen vertegenwoordiger, ook student.
Tijdens het academiejaar, wanneer u in de les zit te luisteren naar ex-cathedra-geratel van professoren en assistenten, met hier en daar de activerende uitzondering, of nog in bed ligt na te kateren van een geslaagd Fak-feestje, zit de studentenvertegenwoordiger vaak al op een of andere belangrijke vergadering met proffen, decanen, andere studenten en stafmedewerkers waar ze mee inspraak (denken te, voor sommigen) hebben over zaken die gaan van eredoctoraten over brede bachelors tot de portie gratis frietjes in de Alma. De vorige dag was het waarschijnlijk laat geweest omdat ze ofwel nog actief zijn binnen een kring ofwel omdat ze bevriende kringen ook eens een bezoekje willen brengen onder het motto als ik naar daar kom, komt daar naar ik. (Of omdat we natuurlijk één grote familie zijn die elkaar niet kunnen missen!). De zelfde dag en de volgende dag bieden meer van hetzelfde. Steeds weer, dag in, dag uit.
En dan zijn het examens. De studentenvertegenwoordiger merkt dat hij wel een paar lessen bezocht heeft, maar toch niet van alle lessen notities heeft. Lag het aan de professor die iedere les opnieuw de aula in slaap wiegde door middel van een monotoon stemgeluid? Lag het aan de leerstof die eigenlijk niet echt uitnodigde tot veel denkwerk? Of lag het aan het feit dat ze elders moesten zijn? Op dat moment richt de studentenvertegenwoordiger zich tot de student met de vraag om notities. Soms krijgt hij ze, mits geldige reden, soms niet en zoekt hij verder. Maar hoe dan ook, de examens en de deadlines naderen.
Een heel semester lang van cocktailfeestjes, TD’s, Fakavonden, cantussen, AV-afterparty’s* en Plan Sjarels* heeft er voor gezorgd dat er afkickverschijnselen ontstaan. Een dikke anderhalve maand zonder dit alles? Dat kan toch niet. Dat dachten ze bij LOKO ook. Zo ontstond, correct me if I’m wrong, het concept examenfeestjes. Een avond die volledig niet in het teken van de examens staat. Een avond lang denken we terug aan hoe mooi dat eerste semester was en kijken we al vol verlangen uit naar wat het tweede semester zal brengen. Vorige vrijdag, twee dagen terug dus, zakten we af naar Fak Letteren, waar anders, voor het feestje van januari (uitgezonderd nieuwjaar, want dat rekenen we op 31 december, goed?). Nu heeft u waarschijnlijk een beeld voor de ogen gehaald dat als volgt te beschrijven valt: veel bier, weinig kleren, veel volk. Wel, er was veel bier, maar er waren evenveel mensen die non-alcoholisch zich amuseerden. We zitten nog altijd in de examens. Er was veel volk. De kleren werden, jammergenoeg, aangehouden. Het werd een geslaagde editie.
En toen werd het zaterdag. Geen examenfeestjes meer in het vooruitzicht. Enkel nog maar examens en blok. De cursussen zijn eindelijk volledig en de druk van een deadline begint te ontstaan. Er kan gestudeerd worden want ook wij houden van drie maanden zomervakantie.
Blok ze, maatjes.
*studentenvertegenwoordiger: enige gelijkenis met bestaande personen en verhalen is echt louter toevallig, we zijn niet allemaal zo.
*AV-afterparty: na elke tweewekelijkse LOKO-AV vindt er een AV-afterparty plaats in een Leuvense Fakbar. Leuke feestjes.
*Plan Sjarel: het wekelijkse partyconcept van de Leuvense kringen voor de Leuvense kringen. Of is het nog altijd een publiek geheim?
Reacties : 1 reactie »
Categorieën : KotLe(u)ven
Vuurwerk in tijden van crisis.
2 01 2012Het is weer zover. Een oud jaar werd afgesloten en een nieuw jaar werd verwelkomd. Traditioneel doen we dit al eeuwenlang door een hoop vuurwerk af te schieten in allerlei vormen, kleuren en afmetingen. Ieder jaar opnieuw gaan gemeentelijke, stedelijke en nationale budgetten naar die vijf minuten lichtspektakel. Om over het studiebudget van persoon X, de ziekteverzekering van persoon Y en het valse gebit van persoon Z nog maar te zwijgen. Al enkele jaren horen we echter dat we in tijden van crisis verkeren. Die crisissfeer evolueerde dit jaar in een waterval van besparingen in zo goed als alle landen op deze wereldbol. En toch, de overgang van oud naar nieuw werd gevierd zoals we dat anders doen. Of was het toch iets minder lang, iets minder mooi en iets minder luid dan vorig jaar?
Het begon allemaal bij Samoa, daar waar het vorig jaar eindigde. Zij hadden hun tijdszone verplaatst, om maar aan te tonen hoe conventioneel iets als tijd eigenlijk is. Vervolgens werd er op regelmatige tijdstippen in andere landen vuurwerk afgeschoten om het nieuwe jaar in te luiden. Samen met dit vuurwerk klonken ook de toespraken van de regeringsleiders. Sommigen zeiden dat het ergste van de crisis al achter de rug was, voor anderen moest dat “ergste” nog komen en zou 2012 een zwaar jaar worden. Wel, hadden ze dan beter dit jaar geen statement gemaakt en unaniem niets af te schieten? Geen gemeentelijke, stedelijke en nationale budgetten de lucht in. Dat zou pas een daad van politieke moed en verantwoordelijkheid geweest zijn.
Proficiat aan zij die dat wel gedurfd hebben en een gelukkig nieuwjaar.
En aan de rest: ook een gelukkig nieuwjaar.
Reacties : Reageer »
Categorieën : KotLe(u)ven
“Ik ben niets, ik kan niets, ik ben een domme schacht!”
30 10 2011Ave Proconsul Donatus,
Vorige donderdag ving ik aan met de legionairstraining. Ik had immers mijn naam op de stenen tabletten aan de valven laten kerven nadat uw hoofdtribuun en enkele andere niet-nadergenoemde individuen me hadden weten te overtuigen een carrière in het Romeinse legger aan te vatten. U kent het wel, ik had zelf een beetje te veel gerstenat en goedkope Romeinse wijn uit Wilselium gedronken. Ik had een belofte gemaakt die ik niet meer kon terugdraaien en daarom begaf ik me dus vorige donderdag naar de Arena waar u mij en enkele andere ongelukkigen zou trainen. We zouden lid worden van de Historiaanse garde die als taak had meegekregen die vuile schurftige hoeren van Babylon te vernietigen. Gedurende de eerste minuten stond ik nog rustig achteraan het hele gebeuren een beetje te observeren, maar al snel besloot de hoofdtribuun (al denk ik niet dat hoofdtribuun een legitieme legioenterm is) me naar voren te roepen en zou ik gedurende de hele training naast de vexillarius moeten staan. U kwam op, we leerden hoe we u moesten begroeten en de training begon. Tijdens de eerste minuten verloor ik al een van mijn zes zintuigen doordat een andere tribuun hondenbrokken (of iets dergelijks) in mijn oor duwde, ik werd er, als het ware, een beetje hondsdoof van. U leerde ons het krijgslied van de Historiaanse garde aan en indoctrineerde ons met 8 geboden die we ten alle tijde moesten kunnen opzeggen. Gebod vier kreeg het meeste aandacht, hoe vreemd dat ook moge klinken.
We verlieten de Arena en begaven ons naar het Quadra Ladeuziensis alwaar u onze sluiptechnieken testte. Een van uw tribunen vond dat ik me niet zo goed kon camoufleren en besloot me in te smeren met vermorzelde hazelnootpasta. Hoewel dat voor 99 procent van de troep beter rook dan de hondenbrokken en de zalmpaté, moet ik u wel zeggen dat ik echt niet tegen de geur van hazelnoten kan. Maar ja, ik was camouflageklaar. De schone witte lakens die ik van mijn moeder had gekregen, het waren me Jove familiestukken, waren op dat moment verre van het tandpastaglimlachwit dat we zo vaak zien verschijnen bij marmeren standbeelden. Zelfs onze familieslaven hebben het er niet meer uitgekregen, maar meer daarover later. U vond het ook nodig onze lichamelijkheid te testen en liet ons per twee staan waarbij we op een zedenloze manier eieren moesten breken. U zal waarschijnlijk trots op me zijn als ik u zeg dat de andere het ei niet kapot heeft gekregen en ik het dan maar zelf weggesmeten heb. We mochten van u het Quadra Ladeuziensis verlaten en begaven ons naar het Quadra Hooveriensis. Daar aangekomen testte u ons op onze intellectuele kennis. Een antwoord als “Homeros was blind” op de vraag “Hoe beschreef Homeros de Trojaanse lucht in de eerste zinnen van de Ilias” leverde een serietje pompen op. Dat het antwoord brons was, bevestigde eigenlijk mijn antwoord. Zoiets kan alleen maar uit een blinde mens komen. Nu, ik dank u voor het goddelijke lichaam dat u me gegeven hebt door me te laten pompen.
U vond dat het wel eens tijd werd om uw nieuwe garde te testen in een kleine geënsceneerde veldslag met Babylonië en langs de Via Mentha begaven we ons naar de plaats waar het epische gevecht zou beginnen. Uitgezwaaid door de plaatselijke bevolking, op de tonen van het krijgslied, troffen we een lege Quadra Magna aan. Hadden de Babyloniërs al schrik? Of waren ze te laat? U warmde ons op, sprak ons toe en wij kregen zin in het gevecht. De vele omstanders maakten zich uit de voeten toen de Babylonische garde verscheen. Onder het alziend oog van de Securitas Scolastica Urbanae weerklonk trompetgeschal en trokken we ten aanval. Na enkele scherpe aanvallen, trok de Babylonische garde zich terug en werden ze gedwongen de Quadra Magna op te kuisen. U was trots op ons. We konden verder gaan met de training. Langs de Via Nominis trokken we naar de Quadra Non Universitate alwaar u onze groepsgeest probeerde te testen met een potje Pullus Frigidus. Ik weet niet of u het door had, maar de eerste goal werd door mij gemaakt. Trots? De voorlaatste oefening die we moesten doorstaan was een hindernissenparcours. Ik moet eerlijk bekennen dat ik het daar even moeilijk had, niet door de fysieke oefeningen maar door het mentale geroep dat zich steeds focuste op één bepaalde eigenschap. Iets of wat gemakkelijkheidshalve? Of kwam die ene tribuun echt niet verder dan dat? Nu, ooit neem ik hem nog wel eens mee naar een plaats vol cinaedi, dat zal hem leren! Met uw toestemming natuurlijk, o waardige proconsul.
Het kaf was, volgens u, van het koren gescheiden en we mochten ons terug begeven naar de Arena, de laatste honderden meters weliswaar op handen en voeten. De training was nog niet gedaan. Aangekomen in de Arena liet u twee schone Romeinse virgines aantreden die mijn handen en armen moesten wassen opdat ik de eed der Historianen kon voorlezen. Uw scriba had wel iets duidelijker mogen schrijven. Maar het zat er bijna op. We waren bijna Historianen. Eindelijk. U gaf ons nog het bevel ons te gaan wassen zodat we proper op de proclamatie konden verschijnen.
Mijn beste proconsul Donatus, u bent een lichtend voorbeeld voor elke nieuwboren Historiaan. U was inspirerend. Ik hoop dat ik u trots heb gemaakt met al mijn enthousiasme en meegaandheid (hoewel ik soms ook wel gereageerd heb, maar kijk, dat maakt het alleen maar leuker voor u!).
Wanneer mag ik naar de tribuunschool?
Immer de uwe,
Jezus 2.0
Post Scriptum: Ik vond het echt echt echt leuk, en ben blij dat ik het nu pas gedaan heb.
Post Scriptum Secundum: Ik ben niets! Ik kan niets! Ik ben een domme schacht!
Post Scriptum Tertium: Gebod #4: Babylonschachten dienen enkel voor seksueel misbruik!
Reacties : Reageer »
Categorieën : KotLe(u)ven
De student en de onderwijsevaluatie.
9 10 2011Beste student aan de K.U.Leuven,
Er zijn twee momenten in een academiejaar waarbij het werk van onderwijsvertegenwoordigers door henzelf in vraag gesteld wordt: de periode na de examens, in februari-maart en in juli-oktober, met de onderwijsevaluatie. Het blijkt iedere keer opnieuw een huzarenwerk te zijn om die evaluatie ingevuld te krijgen, om de responsgraden zo hoog mogelijk te laten eindigen. Idealiter zou elke student die evaluatie van zelf moeten invullen, gewoon omdat het over het eigen onderwijs gaat. Het examen is het moment waarbij professoren, docenten en assistenten studenten evaluaren, de onderwijsevaluatie laat de andere kant van de medaille zien: studenten kunnen hun professoren, docenten en assistenten evaluaren. Men kan goede zaken prijzen en minder goede zaken aanstippen. Maar waarom gebeurt dit niet vanzelf?
Studenten weten hun onderwijsvertegenwoordigers wel te vinden wanneer ze individuele problemen hebben met bijvoorbeeld hun lessenrooster, hun individueel examenrooster (IER) en hun ISP. Ze weten tijdens het semester hun onderwijsvertegenwoordigers te vinden wanneer persoon X zijn of haar cursus gewoon monotoon voorleest, persoon Y te veel verplichte uitstapjes naar bibliotheken organiseert en persoon Z gewoon te veel verwacht van zijn of haar studenten. Wanneer het echter gaat over een langdurig proces, alszijnde het evalueren van een docent, waarbij de problemen (als ze er zijn natuurlijk) van het huidige jaar opgelost kunnen worden tegen het volgende academiejaar zodat de volgende lichting studenten die problemen niet meer hoeft mee te maken, dan blijken vijf minuten plots wel heel kostbaar te zijn.
Zijn studenten dan egoïstische wezens die enkel en alleen maar uit zijn op het eigen vertier en het oplossen van de eigen problemen? Of sta ik al iets te lang aan de andere kant, waarbij ik wel het nut van zaken als een onderwijsevaluatie begrijp? En was ik misschien vroeger zelf ook zo? Is het misschien omdat het invullen van de evaluatie niet meteen een zichtbaar gevolg heeft?
Wel, beste student aan de K.U.Leuven, het is niet omdat je iets niet ziet, dat het niet gebeurt. De resultaten van de onderwijsevaluatie worden wel degelijk bekeken en er wordt wel degelijk iets meegedaan. Persoon X zal aangespoord worden tot het iets enthousiaster brengen van zijn colleges, persoon Y zal zich voortaan moeten verantwoorden voor elke uitstap en persoon Z zal de lat iets lager leggen, al lijken me dat misschien te simplistische oplossingen en is het in realiteit wel iets complexer. Maar goed, u begrijpt me, geloof ik.
Maak gebruik van de kansen die men u geeft. Vul de onderwijsevaluatie hier in en laat zien aan uw onderwijsvertegenwoordigers dat jullie wel degelijk respect hebben voor wat zij presteren. Of zorg er dan tenminste voor dat de responsgraad hoog genoeg is zodat er wel degelijk iets mee gedaan kan worden en de bevraging respresentatief is voor de hele academische gemeenschap.
Met vriendelijke groeten,
Cédric Suttels
Praeses Historia 2011-2012
P.S.: U hebt het gelezen, of ook niet, maar LOKO (Leuvense Overkoepelende KringOrganisatie), StAL (Studentenraad Associatie Leuven) en VVS (Vlaamse Verening van Studenten) hebben nog een heleboel mandaten openstaan. Interesse? Gewoon kandideren, en wie weet gaat er dan geen goed vertegenwoordiger aan jou verloren.
Reacties : Reageer »
Categorieën : KotLe(u)ven
Trippen: A’dam en Utrecht
11 09 2011Een jaar geleden besloten een vriendin en ik om in de zomer van 2011 te trekken door Europa met de trein en een trekkersrugzak. Naarmate de vakantie dichterbij kwam, onze agenda’s voller geraakten en we het plannen uitstelden, verkorte de periode waarin we allebei vrij waren. Van het concept Europa, daalden we af naar de testcase Nederland, meer bepaald de steden Amsterdam, Rotterdam en Utrecht voor ongeveer een weekje. We maakten elk een profiel aan op de couchsurfing-website en begonnen requests en berichtjes te sturen naar de plaatselijke twentysomething-groep nadat we ze eerst geselecteerd hadden op uiterlijk, profiel en recensies. Helaas voor ons krijgen deze mensen ongeveer duizenden requests per dag en valt het dan ook volledig te begrijpen dat ze niet op elke request antwoorden. Opnieuw werden onze plannen gewijzigd en we besloten één dagje Amsterdam en twee dagen Utrecht te doen. Gelukkig had ik, via ISHA, enkele contacten in Utrecht waar we terecht konden voor een bed. Zo geregeld, zo gedaan.
Over Amsterdam kan men het ene reisboekje na het andere vinden, dus veel ga ik daar niet over schrijven hier. Ik wil alleen maar zeggen dat we binnenkort een boekenwinkel gaan beginnen, want dat is wat Leuven mist… Een goede, gezellige boekenwinkel. Ok, we hebben het Paard van Troje en er is de boekenafdeling in de Fnac, maar het kan beter!
Utrecht daarentegen bleek onbekend en onbemind te zijn. Eerst doorploegden we het grootste overdekte winkelcentrum van Nederland om dan een eerste biertje te drinken wachtend op onze host. Wanneer zij zich bij ons vervoegde, nam ze ons mee naar de après-vergadering-borrel van de UHSK, de Utrechtste Historische Studentenkring, waar we verbroederden en verzusterden met onze Nederlandse collega’s. Het typeert de Nederlandse spontaneïteit en gezelligheid. De volgende dag ontbeten we in een parkje, bezochten we de talrijke (boeken)winkels en het Dick Bruna Huis. Door de regenbuien heen verkenden we op die manier Utrecht. ‘s Avonds werden we opgewacht door de andere ISHA-vriend die ons uiteten nam. Later op de avond namen hem en onze host ons mee naar het openingsfeestje van de UHSK waar we tussen een resem eerstejaars uit de bol gingen op de tonen van een DJ met een Kabouter Wesley T-shirt. Een beetje België in Nederland. De ochtend volgde al snel op een fijne avond en we begaven ons naar een commissiebeurs waar we flyers uitdeelden – lees als flyers neerleggen en hopen dat mensen er eentje nemen – van ISHA. We hadden de raad gekregen de Domtoren zeker nog te bezoeken en te beklimmen. We begaven ons eerst echter naar het archief waar we oude koeien uit de gracht haalden. Als historicus die nog nooit een archief van binnen gezien had, wist ik niet dat het er zo leuk uit kon zien. Maar het was tijd voor de beklimming van de domtoren: 112 meter hoog, 476 stappen. Tijdens een zeventiende eeuwse orkaan was namelijk het schip van de kerk vernield en was de toren van de rest gescheiden geraakt. De Utrechtenaren waren op niets anders gekomen dan het zo te laten liggen en bijgevolg ontstond een aparte toren. Tegenwoordig gaan er echter stemmen op om de toren terug te verbinden met de kerk zodat Utrecht weer de grootste kerk in Nederland heeft. Voor of tegen, ik heb er geen mening over. De beklimming zelf was zeker de moeite. Het uitzicht alleen al op 95 meter is adembenemend. Helaas voor ons brak toen het einde van onze Utrecht-tijd aan.We bezochten nog even het kantoor van de UHSK om afscheid te nemen van onze host en namen dan de trein terug naar huis.
Dat dit een start moge zijn van de vele tripjes met jou, Nieke en dat we nog veel naar Utrecht mogen gaan. En zij naar ons.
Hoor ik daar een ware Historia – UHSK verbroedering aankomen? Wie weet.
Reacties : 1 reactie »
Categorieën : KotLe(u)ven
En nog een kilometer… #DOTO
14 08 2011Het sportieve hoogtepunt van het jaar in Bornem is al 42 jaar lang de Dodentocht, een 100km lange wandeling doorheen de streek waarbij je 24uur de tijd krijgt om het traject af te leggen. Vele duizenden starten jaarlijks, een heel deel minder haalt ook het einde van de tocht. Zelf heb ik niet echt een speciale band met de Dodentocht. Ik heb nog nooit de drang gevoeld om te starten. Ik ben eerder een volger, een supporter. Ik herinner me dat we jaren terug steeds gingen kijken wanneer ze de eerste keer passeerden in Branst en vol goede moed nog 95km voor de boeg hadden. Minutenlang was het een komen en gaan van mensen. Best wel indrukwekkend eigenlijk. Een dag later stonden we dan op dezelfde plek om hun tweede doortocht door Branst te aanschouwen. De ene zag er dan iets gezonder uit dan de ander. Hoe later het werd, hoe meer ze op lijken gingen lijken.
Drie jaar terug had ik mijn eerste grote Dodentocht-ervaring. Toen heb ik een vriend gevolgd met de fiets. Gelukkig voor mij, besloot hij de eerste 40km te lopen waardoor we vaak alleen waren en dus niet in de massa zaten. Na ongeveer 20km werd mijn rol overgenomen door een andere vriend en kon ik slapen. Rond 7u sms’te hij me dat hij op een uurtje van de afgesproken plaats zat, de sporthal van Puurs, vanwaar ik het terug zou overnemen tot het einde. Het lopen was wandelen geworden, het fietsen was ook wandelen geworden. Het werd afzien. Maar uiteindelijk haalden we de finish en was ik per ongeluk ook door de tent gewandeld waarbij me een ananas en een flesje Bornem in de handen werden geduwd. Het jaar erop zouden we de rollen omdraaien. Maar ik gaf niet toe.
Vorig jaar startte een studiegenoot van me en besloot ik hem gewoon te volgen op internet en wanneer hij ongeveer in Branst was, zou ik enkele honderden meters meelopen. Ergens in de namiddag haalde hij het en babbelden we gedurende die enkele meters en wenste ik hem veel succes voor de laatste 5km die hij nog te gaan had. Hij zou het ook halen.
En dan, in de loop van vorig jaar werd er een weddenschap afgesloten dat twee andere vrienden én studiegenoten van me ook zouden deelnemen. Zo niet, zouden ze voor mij en een vriendin koken. Ze namen deel. Eergisteren startten ze in een uitgeregend Bornem. Door de regen hadden de Bornemenaren hun party-tentjes boven gehaald. Met de fiets reden we enkele kilometers in tegenovergestelde richting om zo op de eerste deelnemers te stuiten. Die ultralopers zien de Dodentocht een beetje als competitie. Gelukkig heeft elke checkpost een openingstijd waarbij ze het toch in de perken proberen te houden. Het blijft namelijk een wandeltocht. De kindjes die bij ons stonden hadden het plan opgevat om de deelnemers te delen. Na vijfendertig (of waren het er vierendertig?) kregen ze al ruzie over het exacte aantal. Of ze tot 10.507 zijn geraakt, weet ik niet. We gingen verder en begaven ons naar Branst. Daar scanden we de grote massa op zoek naar onze deelnemers. We vonden ze een half uurtje later, liepen enkele straten mee en namen dan afscheid waarbij ze de nacht instapten. We vonden hen moedig. ‘s Ochtends ging mijn wekker rond 5u45 omdat ik een vroege shift had op mijn vakantiewerk. Later die dag hoorde ik dat de eerste rond 7u had opgegeven toen hij bij de Palm was aangekomen, ongeveer halfweg. De tweede had het nog twee checkposts weten uit te houden en was dan ook gestopt. De laatste 5km, die we allemaal wouden stappen, hebben we dus niet gestapt. Maar mijn beste vriend kreeg zin om zich in te schrijven voor volgend jaar. Hij vroeg of ik ook wou meedoen… Ik weet het niet.
Nu, ondanks de opgaves hebben we er een fijn weekend à la Masterchef meets Met Vier In Bed van gemaakt.
We zijn trots op hen die gestart zijn…
De Dodentocht, het blijft toch de Rock Werchter van Bornem… Maar dan anders.
Reacties : Reageer »
Categorieën : KotLe(u)ven

